Proef 2011: Demo systeemvergelijking toepassing rijenbemesting
Binnen de pootaardappelteelt zien we de laatste jaren een toename in de toepassing van een rijenbemesting. Door de strengere normen en om in het najaar voldoende organische mest aan te kunnen voeren zoeken telers naar mogelijkheden om kunstmest zo efficiënt mogelijk bij de aardappelplant te brengen en daardoor te kunnen besparen op meststoffen. In de praktijk zijn er verschillende mogelijkheden om een rijenbemesting uit te voeren. De deelnemers aan de Pootgoedacademie hadden de wens om diverse mogelijkheden van rijenbemesting met elkaar te vergelijken.
Doel:
Het doel is het vergelijken van systemen om meststoffen in de rij toe te dienen.
Ras: Spunta
Plantafstand: 20 cm
Adviesgift: N 120 kg - P 80 kg P - K 300 kg
Pootdatum: 3 mei 2011
Waarnemingen: Opkomst, stengelaantal, opbrengst en sortering
Opzet:
De demo kent 6 objecten:
1. systeem Zijlmans. Vloeibare bemesting (NTS+APP) over de rug, na het poten en voor het rijenfrezen.
2. Flex fertilizer toegediend met kouters.
3. traditionele bemesting (23-23-0) voorafgaand aan pootbedbereiding.
4. APP tijdens poten in de rij spuiten, NTS volveld spuit na het poten voor het frezen.
5. kunstmestkorrels (26-14-0) in de rij.
6. APP + NTS toegediend met kouters.
Resultaten
De demo is op 3 mei gepoot onder droge omstandigheden. De periode na het poten is nauwelijks neerslag gevallen. Hierdoor was de stand onregelmatig en was knolzetting niet optimaal. Ook later in het seizoen bleef deze onregelmatige stand, waarschijnlijk hebben er naast de droogte ook andere factoren voor deze onregelmatigheid.
De verwachting was dat door de droge periode na het poten verschil was te zien in beginontwikkeling tussen de objecten met vloeibare bemesting en korrelkunstmest. Onder droge omstandigehden kan een vloeibare meststof namelijk beter worden opgenomen en efficiënter werken. Deze verschillen waren echter niet duidelijk te zien.
In de demo is er ook gekozen voor een object met korrels in de rij. Besparingen zijn misschien mogelijk door de betere plaatsing en veelal grotere spreiding van doseringen met vloeibare in plaats van vaste meststoffen. Met andere woorden: als je korrels even goed en nauwkeurig toedient als vloeibaar, is het resultaat net zo goed als vloeibaar.
Ook bestond de verwachting dat het plaatsen van de meststof in depot zou zorgen voor een betere efficiente en geleidelijker vrijkomen van de stikstof. Door de onregelmatige stand van het demoveld was er geen efffect te zien van een depotbemesting.
Om conclusies te kunnen trekken over de optimale vorm en systeem van rijenbemesting is aanvullend onderzoek nodig. Op basis van praktijkervaringen afgelopen seizoen liggen er zeker mogelijkheden in zowel korrels in de rij als vloeibaar in de rij.
Laurens Persoon (DLV Plant) & Douwe Werkman (SPNA)
Samenvatting van het bezoek aan het proefveld op Kollumerwaard op woensdag 20 juli 2011
Lees de resultaten van de proef
Proef 2010
In Friesland wordt in een praktijkproef op het bedrijf van Klaas Jan Jensma de invloed van vijf verschillende kunstmestsoorten bekeken waaronder een zelfbedachte blend.
Op 21 juli werd het proefveld bezocht en de resultaten bekeken.
Lees hier de samenvatting
Ras aardappelen:
Carrera
Doel:
100 kg trage stikstof
20 kg gewone stikstof
60 kg fosfaat
200 kg Kali waarvan de helft met chloor
Object 1. Blend Pars
• Nog onduidelijk waar deze blend uit bestaat.
Object 2. Blend Hoogland
• Novagran Entec
• 14 N (6.3 nitraat en 7.4 ammonium)
• 7 P
• 23 K
• 877 kg/ha
Object 3. Agrifirm mix
• Kemistar met Nutrisphere.
• 13N 9P 26K (50% chloorhoudend)
• 750 kg/ha
• 125 kg kas apart strooien
Object 5. Meststof zonder P
• Entec 26; 26 N + 0 P + 32,5 SO3
• 460 kg Entec 26
• 166 kg Kali 60
• 200 kg Kalisulfaat
Standaard = Entec Avant
12 N + 7 P + 16 K + 4 MgO + 12 SO3